Beregenen uit grondwater in het Drentsche Aa-gebied

20 juli 2021

De droogte in 2018 en 2019 hebben ons geleerd dat we zuinig om moeten gaan met het beschikbare water in het stroomgebied van de Drentsche Aa om schade aan landbouw en natuur tegen te gaan. Daarom wordt er gewerkt aan nieuw beleid. Maar hoe staat het daarmee?

De huidige regels

Omdat er in het Drentsche Aa-gebied geen water aangevoerd kan en mag worden, moet er zorgvuldig omgegaan worden met beregenen. Daarom mag er in het stroomgebied van de Drentsche Aa niet worden beregend uit oppervlaktewater.  Dit is een permanent verbod. Voor het beregenen uit grondwater gelden regels. Beregening uit putten die zijn geslagen vóór 1 april 1994 is toegestaan op alle gewassen. Uit putten die ná 1 april 1994 zijn geslagen, is enkel beregening mogelijk op hoogsalderende teelten en vollegrondstuinbouw in het beperkingengebied. Wilt u hier meer over weten, zie dan de berichtgeving hierover op onze website.

Nieuw beleid

Vanuit de agrarische sector is gevraagd of het mogelijk is om de mogelijkheden voor beregening voor laagsalderende teelten te verruimen. We onderzoeken daarom of en welke ruimte er is voor beregenen uit grondwater binnen het Drentsche Aa-gebied. Belangrijkste randvoorwaarde daarbij is dat er geen onaanvaardbare nadelige effecten mogen optreden voor derden en voor de bijzondere natuur in het gebied, nu niet en in de toekomst niet. Dit vraagt een zorgvuldige afweging, samen met betrokkenen. Daarom is een klankbordgroep ingesteld die zich buigt over een nieuw beregeningsbeleid, met vertegenwoordiging vanuit de landbouw, Staatsbosbeheer, Natuur- en Milieufederatie Drenthe, Agrarische Natuur Drenthe, Drents Particulier Grondbezit, de waterbedrijven en de provincie Drenthe.

Waar staan we nu

Voor het onderzoek is het belangrijk dat we zicht hebben op grondwaterstanden. Het grondwatermeetnet is daarom uitgebreid met extra peilbuizen en er is een selectie gemaakt van representatieve peilbuizen die ons informatie geven over de grondwatervoorraad in het gebied. Voor de doorrekening van de effecten van beregening uit grondwater, maken we gebruik van een ‘geohydrologisch model’, dat recent is verbeterd zodat we de effecten van de beregening zo betrouwbaar mogelijk kunnen doorrekenen. De huidige beregeningsputten en preciezere informatie over de bodemgesteldheid zijn in het model opgenomen. Dit verbeterde model biedt vervolgens een belangrijke inhoudelijke basis voor het nieuw op te stellen beleid voor beregening uit grondwater.

Vervolg

Een belangrijke vervolgstap is de terugkoppeling van de modelresultaten en het toetsen van resultaten aan de gegevens en ervaringen van de boeren. Want we vinden het belangrijk dat we met elkaar kunnen vertrouwen op de juistheid van het model. De vergelijking van beregende hoeveelheden en de berekende hoeveelheid is hierin een belangrijke stap. De landbouwvertegenwoordiging in de klankbordgroep heeft aangegeven hiervoor graag een fysieke bijeenkomst te willen beleggen met de landbouw. Deze bijeenkomst heeft door corona vertraging opgelopen. In september zal er een bijeenkomst worden gehouden.

Na deze bijeenkomst zullen eventuele aandachts- en verbeterpunten een plek krijgen in de analyse.

Daarnaast gaat aandacht uit naar de betekenis van Natura2000-wetgeving voor de begrenzing van het nieuwe beregeningsbeleid. Waar leidt beregening uit grondwater tot schade aan kwetsbare natuur. En waar niet? Dit om te komen tot een goede begrenzing van het gebied waar het nieuwe beleid gaat gelden.

Was deze informatie nuttig?