Zienswijze op ontwerp-instemmingsbesluit zoutwinning Nedmag

Zoutwinbedrijf Nedmag heeft eind 2018 een winningsplan ingediend bij de minister van Economische Zaken en Klimaat (EZK). Het ontwerp-instemmingsbesluit ligt op dit moment en tot vrijdag 24 juli ter inzage. Waterschap Hunze en Aa’s zal een zienswijze indienen op het ontwerp-instemmingsbesluit. Dit vanwege de bodemdaling die de zoutwinning nabij Veendam tot gevolg heeft en de gevolgen die dit voor het waterbeheer heeft.

Dagelijks bestuurslid Fien Heeringa over de zienswijze van Hunze en Aa’s: “Het faciliteren van een commerciële activiteit mag niet leiden tot kosten voor ons waterschap. En daarmee indirect voor de inwoners van ons werkgebied die waterschapsbelasting betalen. Dit betekent dat we volledig gecompenseerd willen blijven voor kosten die we als waterschap moeten maken om het waterbeheer aan te passen aan bodemdalingen. Tot in de eeuwigheid. Ook willen we geen aansprakelijkheid dragen voor mogelijke gevolgen van benodigde peilaanpassingen.”

Toenemende kosten voor waterbeheer door bodemdaling

De zoutwinning van Nedmag heeft in het verleden tot bodemdaling geleid. Verdere zoutwinning zal leiden tot extra bodemdaling, zoals ook blijkt uit het winningsplan. Dit vraagt aanpassingen in het waterbeheer om (grond)waterpeilen in overeenstemming te houden met de functies in het gebied (landbouw, wonen en natuur). Dit brengt kosten met zich mee voor waterschap Hunze en Aa’s: incidentele kosten in de vorm van investeringen in de infrastructuur waarmee peilen worden geregeld (zoals stuwen en gemalen) en structurele kosten voor het beheer, onderhoud en energieverbruik van deze infrastructuur. Verder krijgen we op termijn te maken met vervangingsinvesteringen voor de instandhouding van deze infrastructuur.

Daarnaast moet extra waterberging worden gerealiseerd om te voorkomen dat het gebied te maken krijgt met een groter risico op wateroverlast door extreme neerslag. In een nieuwe overeenkomst willen we ook de kosten voor dit soort compenserende maatregelen vastgelegd zien. Dit voordat de zoutwinning kan worden hervat. Het ontwerp-instemmingsbesluit voorziet in een financiële waarborg in de vorm van een fonds dat los staat van de Nedmag. Dit fonds heeft onze instemming.

Aansprakelijkheid schade door aangepast waterbeheer bij Nedmag

Verdere bodemdaling zorgt voor toenemende complexiteit in het faciliteren van de verschillende functies in het gebied met een passend grondwaterpeil. Het risico op schade als gevolg van veranderingen in grondwaterstanden en grondwaterstromingen is niet volledig uit te sluiten. Eventuele schade door aan bodemdaling aangepast waterbeheer, is naar het oordeel van Hunze en Aa’s voor de rekening van Nedmag. Om de aansprakelijkheid hiervoor te borgen, vraagt Hunze en Aa’s de minister van EZK dit risico, alsmede de aansprakelijkheid van Nedmag voor schade, te benoemen in het instemmingsbesluit en onder de aandacht te brengen van de Commissie Mijnbouwschade. We vinden het een goede zaak dat de beoordeling van schademeldingen bij deze onafhankelijke commissie komt te liggen, daar waar tot dusverre Nedmag schade afhandelt die het gevolg is van bodemdaling door zoutwinning.

Herafwegingsmomenten bepalen

In het ontwerp-instemmingsbesluit wordt uitgegaan van een vergunningsduur tot 2045 en een maximaal te winnen hoeveelheid zout. Ons waterschap dringt aan om in aanvulling hierop herafwegingsmomenten te bepalen. Dit op basis van een tussentijdse afweging in 2035 en op het moment dat een bodemdaling van 70 centimeter wordt bereikt. Dit om te voorkomen dat steeds verder voortschrijdende bodemdaling dusdanig grote effecten kan krijgen dat een op de omgeving afgestemde waterhuishouding in het geding komt.